Archief van
Categorie: blogs

Lux zingt mee met De Toverfluit

Lux zingt mee met De Toverfluit

Nu de volledige tournee is afgerond, kunnen we eindelijk deze terugblik presenteren op de voorstelling van 29 november 2019.

Vanavond zingt een deel van Kamerkoor Lux mee met de familievoorstelling De Toverfluit van muziektheatergezelschappen Silbersee en de Toneelmakerij. Een moderne bewerking van Mozarts Zauberflöte. Wij zitten verspreid in het publiek en aan het eind zingen we als verrassing enkele stukken mee. Bij iedere voorstelling probeert het gezelschap een plaatselijk koor te strikken om mee te doen.

Achter het podium

Wij zijn een kamerkoor dat vooral in kerken optreedt, dus door een artiesteningang komen wij maar hoogstzelden binnen. En wanneer loop je nou achter het podium in de Koninklijke Schouwburg? Dat alleen al is leuk aan deze avond.

Harder zingen

Inzingen doen we vanavond in de artiestenfoyer. Daarna lopen we binnendoor achter het podium langs, waar het gezelschap bezig is met de laatste voorbereidingen. Ze kletsen, oefenen stukjes en iemand test het geluid. We verdelen ons, twee per stemsoort, over de lege zaal.

Ineens zet het deuntje in dat we inmiddels zo goed kennen. We mogen wel harder zingen, zegt ‘de Zon’, een van de hoofdrolspelers. “Het is een verrassing en laat mensen zich maar afvragen waarom ze zelf niet meezingen.”

Verrassen en samenwerken

We wachten tot het publiek naar binnengaat. Romain Bischoff, muzikaal leider van Silbersee, komt even bij ons zitten. Ons koor- en bestuurslid Harald is ook bestuurslid bij Silbersee. Romain vertelt iets over de achtergrond van zijn gezelschap: “Als iemand een talent heeft, kan hij altijd proberen dat ook op andere manieren in te zetten. Uit die comfortzone. Omdraaien, verrassen en samenwerken.”

Bijzondere en inspirerende avond

Tijdens de voorstelling begrijpen we pas echt waar het ogenschijnlijk eenvoudige liedje ‘de zon schijnt voor eeuwig’ over gaat. De gelaagdheid in de voorstelling ontroert. Na afloop zegt een acteur/zanger dat het echt verschil maakt of er een koor in de zaal zit. Dat zij op het toneel merken dat er een verrassingsgolf door het publiek gaat. Dat hebben wij aan den lijve ondervonden. Het is een bijzondere en inspirerende avond, in vele opzichten.  

Door Mayke Calis

Interview met Angeliki Ploka

Interview met Angeliki Ploka

“Als ik dirigeer ben ik een zanger die muziek communiceert”

Angeliki Ploka, dirigent van Kamerkoor Lux

De eerste proefdirectie van Angeliki Ploka, de nieuwe dirigent van Kamerkoor Lux, slaat direct aan. In een lekker tempo werken we aan de stukken, geeft ze zangtechnische aanwijzingen, metaforen over de hoe de muziek volgens haar moet klinken en laat ze ons in een kring verspreid door de kerk staan om te horen hoe anders dat is. Terwijl ze ons aankijkt, lacht en bemoedigend toeknikt, dansen haar handen over de vleugel en speelt ze de akkoorden mee. Iemand van het koor merkt na afloop op dat hij voortaan vroeg naar bed moet op dinsdagavond, wil hij dit tempo bijbenen. 

Inmiddels zijn we een aantal weken verder en superblij met haar. Haar Grieks-Engelse tongval, waarmee ze de ‘tenori and alti’ graag even samen wil horen, klinkt al heel vertrouwd. We willen haar graag beter leren kennen, vandaar een interview op een woensdag vlak voor de repetitie.

Kom je uit een muzikale familie?

“Mijn opa was een befaamd muzikant en speelde keyboard en accordeon. Samen met zijn broer (viool en klarinet) speelde hij vooral volksmuziek. Ze traden veel op. Toen ik vijf was, begon ik met pianolessen op het conservatorium. Ik vond het direct erg leuk. Mijn moeder liet me naar een ander instituut gaan dat beter bekend stond. Maar dat vond ik verschrikkelijk. Als dit muziek is, wil ik niet meer, dacht ik. Later bij een andere docent en een ander instituut voelde ik de magie weer.”

Wanneer wist je dat je van muziek je beroep wilde maken?

“Vanaf mijn twaalfde. Ik kon goed leren, dus mijn ouders wilden liever dat ik advocaat of arts werd. Lachend: ‘Waarom muziek? Daar kun je niet van leven!’ Ik ging muziekwetenschappen aan de universiteit studeren en tegelijkertijd piano, zang en theorie op het conservatorium. Na deze opleidingen kreeg ik verschillende beurzen, waaronder de Sarolta Kodály Scholarship voor de master koorleiding. Het jaar daarop kreeg ik weer een beurs voor de master Kodály Music Pedagogy. “Deze opleidingen hebben me gevormd. Fantastische leraren, fantastische muzikanten. De hele dag muzieklessen en zingen met een klein groepje op een hoog niveau. Als familie. Wat ik daar heb geleerd heeft mijn manier van lesgeven enorm beïnvloed.”

Wat houdt de methode van Kodály in?

“In het kort: als je kinderen muziek wilt leren, kun je dat het beste doen met zang. Door de juiste pedagogische en technische vaardigheden te gebruiken, vergroot je het plezier en de muzikaliteit van de kinderen.”

Ziet Kamerkoor Lux hier iets van terug in de repetities?

“Deze theorie is bedoeld voor kinderen en niet zo makkelijk toe te passen op mensen die al een bepaald niveau hebben. In die zin ben ik ook geen docent als ik bijvoorbeeld Lux dirigeer. Dan ben ik een zanger en muzikant die muziek communiceert.”

Hoe ziet je carrière als sopraan er op dit moment uit?   

“Afgelopen Pasen zong ik mee met verschillende passieconcerten. In augustus heb ik een solorecital in Griekenland, in het najaar zing ik solo met een koor en wil ik nog een solorecital in Den Haag organiseren.”

Waarom koos je Nederland en Den Haag?

“Nadat ik had meegedaan met de Tenso Masterclass voor dirigenten in 2015, ontmoette ik een aantal Nederlandse muzikanten en artiesten. Dat in combinatie met vrienden die hier al studeerden, werd de optie om naar Nederland te gaan steeds reëler. Uiteindelijk koos ik voor het Conservatorium Den Haag vanwege de link met Kodály. Sinds 2016 geef ik daar ook les: muziektheorie, gehoortraining en analyse, ensembleleiding en koor.”

Kende je Lux eigenlijk al?

“Ik kende Kwintessens en wist dat Raoul deze twee koren had. Ik was onder de indruk van hoe hij deze koren leidde. Zijn charisma en energie. Tijdens jullie afscheidsconcert groeide dat gevoel. De klank van de groep, de manier waarop jullie stonden te zingen, de potentie en vooral ook het plezier. Dat had ik lange tijd niet op deze manier gehoord. Ik ga Raoul binnenkort ontmoeten.”

Wat wil je met Lux bereiken?

“Dat Lux een eigen klank ontwikkelt. Dat mensen meteen horen: ah dat is Lux! Daar wil ik aan werken. En ook om te ontdekken welke muziek nog meer of misschien nog beter past bij jullie stemmen.”

Wat wil jij voor jezelf bereiken?  

“Mezelf verder ontdekken als musicus. Wie ik ben en hoe ik met dezelfde passie en energie kan blijven werken.”

Door Mayke Calis

Meer weten over Angeliki Ploka? Bekijk haar website.

Afscheid van een dirigent

Afscheid van een dirigent

Hoe doe je dat, afscheid nemen van je dirigent? Afscheid nemen van Raoul?! Na de eerste ontzetting (en tranen) besluiten we door te gaan met ons koor. Opluchting, al nemen ook wat geliefde koorleden afscheid. Voor we goed en wel zijn bekomen, hebben we al verschillende enquêtes ingevuld over wat we willen en is de vacature al de deur uit. Aan belangstelling van dirigenten geen gebrek. Dat voelt goed.

Bloemen en tranen

Intussen repeteren we door voor onze concerten. Dan komt de laatste repetitie en het besef dat het afscheid nabij is. De laatste generale, het laatste concert in de Agneskerk en het allerlaatste concert in de Lutherse Kerk. Judith heeft het mooie plan om na het laatste concert aan ieder koorlid een bloem te geven die Raoul op zijn beurt bij ons komt ‘plukken’. Dat heeft nog wat logistieke voeten in aarde. Maar na de laatste tonen van In Paradisum verdelen we de bloemen alsof we het hebben ingestudeerd. Raoul kijkt de bedrijvigheid met lichtelijke verwarring aan. Is het een keertje omgekeerd; normaal gooit hij vlak voor het concert de hele opstelling van het koor nog eens om.

Een voor een loopt hij bij de koorleden langs om de bloemen in ontvangst te nemen. Het duurt niet lang of de eerste tranen rollen over zijn wangen. En niet alleen bij hem. Met zijn grote bos bloemen in de lucht klapt en juicht het publiek hem toe.

Geen toon uitbrengen

We zingen Ligo als toegift, besluit Raoul. Hij stamelt met dichte keel: “Judith, kun je me de toon geven”. Maar we weten het wel. We zingen! Voor zover dat gaat als je Raoul in tranen voor je ziet staan. En als het publiek uit volle borst meezingt. En als Maartje met haar warme stem en onvervalste Letse tongval haar solo’s weer zo prachtig zingt. Kippenvel.

Een draaiboek met drie blokken

Tijd dus voor bier in de kroeg op zaterdagavond. Deze keer geen afterparty bij iemand thuis. Voor het werkelijke afscheid van Raoul en de koorleden hebben we zondagmiddag en -avond uitgetrokken. Bij Aviva thuis (eindelijk wordt dat een keer gehonoreerd; het is namelijk in Voorburg en dat is ont-zet-tend ver fietsen). Noortje maakt een draaiboek van drie blokken liedjes, liederen, muziekstukken, cabaret, cadeaus en toespraken. Oh ja, en tussendoor eten en kletsen.

Muzikale liefdes

Raoul heeft twee muzikale liefdes: Arvo Pärt en Urbanus. We beginnen en eindigen ermee. Aviva (piano) en Harald (basklarinet) spelen prachtig verstild Spiegel im Spiegel. Raoul zelf sluit af met Urbanus (“Als Lux zingt is iedereen in vreugde, als Lux zingt is ied’reen vol jolijt”).

Het is zo geweldig te horen wat iedereen nog meer kan behalve in een koor zingen. De Spaanse furie van Sofia kenden we al, maar is altijd weer heerlijk. Verrassend is de smartlappenstem van Paul (de liefde doofde in Giethoorn), het tedere en grappige cabaretlied van Annelies en nog zoveel meer. Wat een avond, wat een weekend. Wat een gemis.

We gaan verder!

Toch is het fijn zo afscheid te kunnen nemen. Ook wij zullen deze momenten nooit vergeten. In de woorden van Dick: Raoul laat ons gaan. We kunnen nu zelf verder groeien met een nieuwe dirigent. Zo is het. Daar hebben we zin in! 

Door Mayke Calis
Foto’s Bert Kraaijpoel

Ave Maria in soorten en maten

Ave Maria in soorten en maten

“Baritons, mag ik Jezus op bladzijde zeven onderaan?” Het is zaterdagochtend in de Haagse Ichthuskerk. We hebben repetitiedag van ons Maria-programma, dus wij kijken niet op van zo’n opmerking van Raoul. We schrikken daarentegen wel van Jan Harmen, die, nadat Raoul heeft gevraagd een stukje muziek te laten klinken als een zacht zoemend bijtje, meteen hard in zijn handen klapt.

We zijn bijzonder wakker deze ochtend. Misschien komt het doordat fotograaf Bert Kraaijpoel tussen ons door sluipt en foto’s maakt voor onze website. Ook Hanne, die nu een programma overslaat, komt even luisteren en zachtjes meezingen.

We hebben een bijzonder programma dit keer; een stuk alleen voor mannen, een voor alleen vrouwen en drie stukken in een kleiner ensemble. Na het werken aan de stukken, zingen we ze voor elkaar. Echt mooi om eens toehoorder te zijn bij je eigen koor. Als je zelf meezingt of luistert naar andere partijen, ben je minder onbevangen, meer bezig met klanken, noten en lijnen.     

Tussen de middag staat de bar weer vol met lekkernijen: hartige taarten (zelfgemaakt of van de bakker), pizza, zoete cakes en taarten; eentje met bramen van Hanneke en Daan (maar Daan heeft alleen het deeg gerold). Salades, pepernoten en natuurlijk de gevulde dadels van Sofia. “We moeten een LUX-receptenboek maken”, oppert Aviva.

 Ave Maria, Maria-programma, zingen in Den Haag, kamerkoor, Kamerkoor Lux, Raoul Boesten, concerten, 24 november 2018, 1 december 2018

Ave Maria van Parsons hebben we voor de zomervakantie voor het laatst samen gezongen. Dat is altijd spannend, zegt Raoul. Is de magie er nog? Of wordt het hard werken? Het valt niet tegen. “Maar het cellofaantje moet er nog wel even af.”

Bij Eg vil lofa oefenen we het ritme. We krijgen als tip de danser in onszelf los te laten. Die zit in iedereen en zeker in Raoul. Met zijn voeten dirigeert hij swingend de maat. Nog een keer alles achter elkaar zingen en dan de regen in. Het was weer fijn!

De foto’s zijn hier te zien.

De concerten zijn zaterdag 24 november en 1 december 2018.

Door Mayke Calis, foto’s: Bert Kraaijpoel

Legato zingen in de volksabdij

Legato zingen in de volksabdij

Ons koor voelt als familie. Het is er vertrouwd, we steunen elkaar en gunnen elkaar succes. Behalve natuurlijk als we ’s avonds in twee teams in een competitie verwikkeld zijn om wie de meeste nummers van ons oude repertoire nog kan zingen. Dan worden we bloedfanatiek met een polonaise tot gevolg. Team- Hanne wint glansrijk, mede dankzij de toegift van Andreas, die de tongbreker Fionnghualla nog steeds uit zijn hoofd kent. Dank nog, juryvoorzitter Jan Harmen!

Tijdens een repetitieweekend werken we aan ons repertoire voor komende concerten. In ons geval het kerstconcert én ons voorjaarsconcert (7 en 8 april) met onder andere het Requiem van Fauré op het programma. Deze keer zijn er ook nog wat kleine kerstconcertjes tussendoor, onder andere op 7 december bij de Zweedse kerstboom op de trappen van het Paleis aan het Lange Voorhout, waarvoor wij witte traditionele gewaden (lees: lakens met een boord) dragen. Maartje heeft een kaarsenkroon en Kim draagt de grote kaars. Hoe dat straks moet op de trappen in de regen is nog niet duidelijk.

We zijn voor dit weekend neergestreken in de volksabdij van Ossendrecht. Voor het nieuwe prachtige stuk van Ola Gjeilo’s Dark night of the soul, moeten we het ritme nog in ons lijf krijgen. Verwoed klappen we ritmische op onze knieën en dansen we met tussenstapjes van ons linkerbeen op ons rechterbeen (of was het andersom?). Sofia voelt een Spaanse dans, knipt met haar vingers en beweegt sierlijk mee met haar armen. Ola Olé.

Het heerlijke van een weekend weg met muzikale en leuke mensen is dat iedereen wel iets extra’s kan zingen of spelen. Of juist iets voor anderen doet op het gebied van yoga, mediteren, hardlopen, een advent-ceremonie (Judith!) of gewoon lekkere dingetjes maakt om van te snoepen. Dick speelt in de avond op zijn zelfgemaakte dulcimer, Judith op haar altfluit en Maartje zingt een schitterend Keltisch lied. Maar ook onze traditie in de pauzes ontbreekt niet: de tafeltennisrace, drie tafels tegen elkaar, een netje ertussen en hollen maar met die badjes.

Kerstliedjes zijn niet al te moeilijk, maar toch moeten we minder losse noten en meer legato zingen, vindt Raoul. Het volgende programma gaat hij beslist Molto Legato noemen. Bij Bereden väg för Herran kunnen de bassen veel breder zingen: Heherran, zingt Raoul voor. Dat is dus geen legato, merkt Mathieu op. Oké, dáár dan dus even niet.

Het weekend vliegt voorbij. Jammer! Maar we zien elkaar woensdagavond weer en dan gaan we door met wat we allemaal zo graag samen doen. Lekker zingen!

Door Mayke Calis

Scandinavisch zingen op zaterdag

Scandinavisch zingen op zaterdag

Fit, uitgeslapen, vol energie of lichtelijk duf na een gezellige avond; (bijna) allemaal zijn we paraat om 10:00 uur zaterdagochtend voor de repetitiedag met Kamerkoor Lux in het gebouw van de Vrije School. En zelfs de twee herstellenden onder ons, Jeannette en Kim, kunnen het niet laten om toch even te komen luisteren en meezingen.

Om meteen in Scandinavische sferen te komen staan we al direct ritmisch mee te bewegen op een vrolijk Sami-volksliedje. Over twee en drie weken zijn onze concerten al. Dirigent Raoul wil wat minder vaak zeggen dat wij iets ‘moeten’, of we hem daarop kunnen wijzen, vraagt hij aan het begin van de repetitie. We moeten niks doen, maar we gáán iets doen.

Kamerkoor Lux, Stemning, Scandinavisch concert, nazomeren, Raoul BoestenSommerpsalm zingen we door elkaar staand. Jeannette merkt op dat we leuker zijn als we niet met onze neus in de partituur zitten, maar opkijken, naar het publiek, naar Raoul, naar elkaar. Dat is waar. Gaan we op letten. Bij Unicornis Captivatur, het klapstuk van het programma, moeten de bassen niet zo vertragen, zegt Raoul. “Moeten!”, roept Noortje.  Hanne loopt naar voren en zet een kruisje op het bord: ‘Raoul moet niet’. “Het is dialect”, weet Hanneke, lerares Nederlands: “Buiten de Randstad zeggen mensen vaker ‘moeten’.” Oh gelukkig, het is aangeboren. Raoul kan er als geboren Limburger gewoon niets aan doen.

Het ritme bij het stukje basileus rugiens gaat eindelijk goed. Het stuk eindigt als een kanonschot. Zingen is zo fijn!

Kwintessens Produkties, Nazomer, Scandinavisch repertoire, Kaarten verkrijgbaar voor Kamerkoor Lux in Den HaagDe lunch is weer heerlijk: zelfgemaakte hartige en zoete taarten, pizza’s en salades. De pakken sap kunnen op een rijtje mooi dienen als ontbrekend net bij de tafeltennistafel. Ons koor kan nu eenmaal niet bij(een)komen zonder dat er met batjes om een tafeltennistafel wordt gerend. In de aula voetballen er een paar met een leeg blikje.

Na de pauze oppert Dick dat het misschien mooi is als we bij Min Jesus een van de coupletten zacht zingen. Vindt Raoul een goed idee, maar wat precies bedenkt hij wel tijdens of vlak voor het concert. Anders is het ook zo saai. Oké. We zijn wat gewend inmiddels. “Bij Ubi Caritas moeten jullie echt kijken”, zegt Raoul. Weer een kruisje. “Maar nu moet het ook echt”, vindt Arine. “Hoe moet hij het anders zeggen?”, vraagt Daan. Bij vijftien kruisjes vindt Raoul het wel weer genoeg, had ie nou maar niks gezegd.

We zingen lopend door de school, vanaf een balustrade en in een kring. Bij Visa i vinden vergeten de tenoren in te zetten, zo mooi zingt Maartje haar solo. Tenslotte zingen we de helft van het concert nog een keer door. Iedereen heeft weer even gehoord waar hij nog op ‘moet’ letten. Het is 16:00 uur. De dag is omgevlogen. Lekker de nazomerzon in met Ned i vester in ons hoofd.

 

(Door Mayke Calis

 

Indianen & Zuid-Amerikaanse ritmes

Indianen & Zuid-Amerikaanse ritmes

Repetitiedag 4 februari 2017

 

Haal de indiaan in je naar boven! Met die boodschap beginnen we onze repetitiedag Zuid-Amerikaanse muziek met Kamerkoor Lux. Even daarvoor hebben we al indiaanstampend Hanacpachap gezongen. Dirigent Raoul was in een vorig leven indiaan, daarom zingen wij nu dit repertoire.

Het is superswingend, maar her en der wordt soms gemopperd dat het zo ánders is dan onze vorige programma’s. Veel lastige ritmes, dus de repetities verliepen de laatste twee keer wat stroef. Maar zonder dip geen glorie. Vol overgave laten we de indiaan in onszelf los: tay-ta, tu-cuy (toekoei) pag (vader van ons allemaal).

Bij En los surcos del amor krijgt Raoul zowaar kippenvel, maarrrr… zou hij Raoul niet zijn als hij niet een kleíne aanwijzing had. Zingen met elkaar op zaterdag is heel bijzonder. Het is weekend, andere bezigheden en verplichtingen zetten we opzij. We fietsen, rijden of treinen naar Den Haag, bakken of kopen van te voren iets lekkers en geven ons tijdens het zingen helemaal. Hoewel we niet praten, communiceren we toch. Er ontstaat dan zoiets moois. Daar zijn dus geen woorden voor.  

De tijd vliegt voorbij en ineens is het pauze. We vallen aan op de heerlijke zelfgemaakte salades, sateetjes, Bach-koeken, cakes, kaasjes en andere lekkere dingen.

Een deel van de dag oefenen we apart met de mannen en de vrouwen en met de verschillende stemsoorten. De sopranen worstelen met de hoeveelheid hoge noten uit Ave Maria Guarani (de stam van de verre voorouders van Raoul). “Eigenlijk zijn die niet zingbaar,” zegt hij. “Dus succes!” Onze eerste sopranen slaan zich er dapper doorheen.

Harald trakteert ons na de pauze op een klarinetsolo bij To the mothers of Brazil. Ook dat is zo leuk van ons koor. Het blijft verrassend wat mensen allemaal nog meer blijken te kunnen. Nog maar zes repetities plus twee generales om te werken aan de samenklank. En om de helft uit het hoofd te leren.

Op 1 en 8 april is ons optreden. Zet het in je agenda! Het wordt mooi!

Mayke Calis (tekst)
Jeannette van Uffelen (foto’s, video & bewerking)

Vooruit dan, een piepklein voorproefje van een stuk van Carlos Guastavino.

Repetietieweekend; ken die Luxinees

Repetietieweekend; ken die Luxinees

Na de mis, buitenEen repetitieweekend met Lux is als een schoolkamp. Of dat komt door onze dirigent Raoul die zojuist een week kamp met school achter de rug heeft, weet ik niet. Wij krijgen in ieder geval bij aankomst in abdij Mariënkroon (Nieuwkuijk) direct het spel ‘moordenaartje’ in onze maag gesplitst. Nog geen noot gezongen maar wel een briefje met een naam van een koorlid en een woord dat we die persoon komende dagen op slinkse wijze moeten ontfutselen.

In the midst of life

Nog wat onwennig staan we in de ochtend in het zaaltje van de abdij en warmen onze stemmen op. In de kapel doen we ritmeoefeningen, wat leuk is. We zingen, zingen en zingen. De hele dag. Geconcentreerd en vol overgave. “Raoul mag ik je er even op wijzen dat het al kwart voor zes is geweest. Ik meende dat je om half zes wilde stoppen. Is dat een bewuste keuze?” Mooi hoe je een hint (“we zijn klaar en willen eten.”) in een vraag kunt verpakken. Dat moet ik onthouden, denk ik.

Oefenen in de kapelOok al is het laat en is iedereen moe na zes uur zingen, doorgaan kan net zo goed een optie zijn. Maar we hebben nog een avondvullend programma te gaan (waaronder nog een uur zingen). En buiten staat een erg goede pingpongtafel waaraan je met tien man tegelijk kunt spelen, rennend en om de beurt een balletje slaand. We leren direct de fanatici onder ons kennen (Andreas en Hanne). Op de achtergrond tokkelen Dries en Mathieu op hun gitaar. Wie zingt daar nou zo luid en vol bravoure Bandoleo mee? Ach natuurlijk, dat is de Spaanse furie die af en toe ontsnapt uit onze ogenschijnlijk zo rustige Sofia.

De roze quizmasters Lisa en Sander willen met hun show beginnen. De sopranen en tenoren tegen de alten en de bassen. Vragen over muziek: Hoe beeld ik het spreekwoord ‘daar zit muziek in’ uit in een tekening? Raad het liedje dat een koorlid neuriet met een koptelefoon op. Sunday Bloody Sunday was te moeilijk, maar zeer komisch. ‘Ken die Luxinees’… wordt gewonnen door Jeannette die de meeste beroepen van koorleden weet te noemen.

De volgende morgen om 7.00 geeft Jan-Willem yoga voor wie wil. Ik dacht ‘ja’, maar de wekker gaat en ik denk ‘nee’. Toch staan we op. En het is fijn! Met duffe koppen en schorre stemmen inzingen en snel op weg naar de kerk in Elshout. We zingen liederen van ons nieuwe programma en het Kyrie en Agnus Dei uit het vorige. De toegift Ave Maris Stella (MacMillan) ging gisteren pas goed toen alle stemsoorten door elkaar stonden. Dat gaat nu niet. Toch gaan we ervoor. De mensen klappen en de pastoor zegt dat we altijd welkom zijn.

We wandelen nog wat door de regen en her en der vallen enkele doden; de moordenaars tellen grijnzend hun briefjes. Judith blijkt de meeste te hebben. Dat had niemand achter haar gezocht. We zingen nog twee uur en na het laatste potje pingpongen gaan we naar huis. Ik hou van dit koor. Wat heerlijk dat we elkaar woensdag gewoon weer zien.

 

(Door Mayke Calis)

Lux in de 'Wonderbare Moeder' kerk 11-6-2016 - Edited

Translate »